woensdag 4 maart 2026

Reinier Weber, lid van de Waffen-SS

 - door Jos Wolbertus - 

Tijdens onze zoektocht naar verhalen over de arbeidsinzet in de Tweede Wereldoorlog komen ook andere verhalen bovendrijven. Verhalen die ook kunnen/mogen/moeten worden vastgelegd. Hoe verschrikkelijk soms ook. Een van die verhalen leest u hieronder.

In een interview met De Limburger verwoordt historicus Kees Ribbens, verbonden aan het NIOD, het duidelijk:
“Er zijn nu eenmaal minder fraaie bladzijden in de geschiedenis. En ook die moet je vertellen.”

Zijn voormalige collega bij het NIOD, Hans de Vries, schreef er zelfs een boek over met de titel ‘Helaas heb ik in Auschwitz pech. Nederlands personeel in de nazikampen’.

Ook in Tegelen zijn minder fraaie bladzijden geschreven, soms zelfs zwarte. Al vaker wordt in diverse publicaties gewag gemaakt van NSB’ers in Tegelen. Reeds in april 1935 organiseert de NSB een bijeenkomst in Tegelen. Waar De Nieuwe Venlose Courant schrijft dat er in katholiek Limburg geen plek is voor de NSB, melden zich in Tegelen veertig mensen voor deze bijeenkomst.[1]


 1935, Delpher

Tegelen kende niet alleen NSB’ers, maar ook inwoners die daadwerkelijk dienst namen in het Duitse leger. Via aanmelding bij de Waffen-SS werden zij ingezet om te vechten aan het oostfront. Niet iedereen overleefde dit.

Dit verhaal is samengesteld op basis van uitvoerig onderzoek en interviews die Reinier Weber na zijn arrestatie heeft gegeven.

Een van deze mannen is Reinier Johan Weber, geboren op 24 oktober 1914 in Blerick, toen nog behorend tot de gemeente Maasbree. Zijn ouders zijn Johannes Weber en Maria Krouwel. Het gezin gaat wonen aan de Spoorstraat 26 in Tegelen.

Trouwakte Weber – Leven. Hieruit blijkt dat hij destijds in Hūls[1] woonde. Bron: Archief Krefeld

Op 25 april 1939 trouwt hij met de uit Krefeld afkomstige Maria Leven. Het echtpaar gaat aanvankelijk wonen in het Rode Dorp, aan de Willemstraat 7. Reinier werkt als monteur bij een ijzergieterij. In juli 1940 gaat hij vrijwillig werken op het vliegveld in Venlo, ingedeeld bij de afdeling belast met de beplanting.

Ook werkt hij bij de Bonghsche Mahlwerke in Sūchteln. De Bongsche Mahlwerke zijn uitgebreide groeves voor de winning van zand, klei en grind. Ook zijn vader, Johan Weber werkt in dezelfde groeves.

In 1941 verhuist het gezin naar de Emmastraat 10.

Het huwelijk is geen gelukkig samenzijn. Maria heeft regelmatig omgang met Duitse soldaten en gaat vaak met hen uit. Volgens de verklaring van Reinier Weber komt hij er pas na zijn huwelijk achter dat zijn vrouw al twee dochters heeft. In april 1941 loopt de situatie uit de hand en Reinier wijst zijn vrouw de deur. Hij plaatst een advertentie in de krant waarin hij afstand neemt van alle handelingen van zijn vrouw en verklaart niet langer verantwoordelijk voor haar te zijn. 


April 1941, Delpher

Maria Weber-Leven dreigt Reinier met allerlei acties. Om hieraan te ontkomen, en omdat hij niet langer voor haar wil zorgen, meldt hij zich op 11 juli 1941 aan bij de Waffen-SS.

Collectie NIOD

Reinier wordt ingedeeld bij SS-Regiment Westland, dat later wordt samengevoegd met de Panzergrenadierdivisie Wiking. Hij volgt een opleiding in Sennheim en later in Klagenfurt. In november 1941 weigert hij de eed op de Fūhrer af te leggen. Van daaruit wordt hij naar het oostfront gestuurd. Hier maakt Reinier zich schuldig aan diefstal, hij steelt ondergoed en kostbaarheden van zijn Waffen SS kameraden. De spullen ruilt het met de Russen tegen eten. Hij wordt gearresteerd, krijgt gevangenisstraf en moet de Waffen SS verlaten.. Hij ontloopt de doodstraf en wordt naar  Dachau overgeplaatst. Wederom weigert hij de eed af te leggen.  In januari 1942 wordt hij naar het straflager Danzig-Matzkau gebracht. 

SS-divisie Wiking, Nederlandse vrijwilligers in Sennheim. Bron: Cenray 40-45

Op 21 december 1940 werden bij een historisch bevel van de Führer de standaarden Nordland en Westland, samen met de SS-standaard Germania, samengevoegd tot de divisie Wiking. In tegenstelling tot het Vrijwilligerslegioen Nederland, dat uitsluitend uit Nederlanders bestond, was de divisie Wiking samengesteld uit vrijwilligers uit heel Europa. 

Inschrijfkaart Reinier Weber Bundesarchiv, Berlijn.

Namenlijsten uit Sennheim met de vermelding van de naam Weber. Bron: Cenray 40-45

In mei 1942 wordt hij opgenomen in een lazaret wegens een blessure aan het scheenbeen.

Uiteindelijk belandt hij in maart 1942 in concentratiekamp Mauthausen, waar hij werkzaamheden verricht in de wasserij en bij de brandweer. “Geen keuze van mij”, verklaart Weber later.

Volgens een krantenartikel in Het Vrije Volk van november 1948 bevonden Weber en zijn metgezellen Machielsen en Lindenboom, die elkaar kenden van de opleiding in Sennheim, zich al 1943 in Mauthausen.



19 maart 1943 wordt Weber ingeschreven in Mauthausen. Bron: Bundesarchiv Berlin

En daar, in Mauthausen, het kamp welk onder leiding staat van Franz Ziereis,  gaat het verschrikkelijk mis. Nederlandse kranten staan na de oorlog vol met verhalen over wat zich in concentratiekamp Mauthausen heeft afgespeeld, naar aanleiding van de rechtszaak tegen de drie mannen.

“Sadisme van Hollanders in de hel van Mauthausen” luidt een van de koppen in diverse krantenartikelen. Als voorbeeld wordt genoemd dat gevangenen, natgespoten met brandslangen, buiten moesten blijven staan bij temperaturen van vijftien tot twintig graden onder nul. Velen vonden door bevriezing de dood. Het treiteren en martelen ging zo ver dat zelfs Duitse bewakers het afkeurden, aldus de kranten.

Franz Ziereis, commandant van kamp Mauthausen

In Mauthausen zijn gedurende de oorlog 197.464 gevangenen gedetineerd geweest vanwege hun politieke of religieuze opvattingen, hun seksuele geaardheid, hun criminele verleden of als krijgsgevangene. Meer dan 95.000 mensen werden in Mauthausen vermoord. Het kamp werd op 5 mei 1945 door de Amerikanen bevrijd.


Na de bevrijding van het kamp in juli 1944 worden de drie mannen gearresteerd. Hij wordt overgebracht naar Dachau en op 30 juli 1947 naar Nederland gebracht waar hij in Vught wordt ingesloten.

Het duurt tot november 1948 voordat de rechtszaak tegen de oud-SS’ers begint. Zij bekennen gevangenen te hebben geslagen, maar ontkennen verdere betrokkenheid. Tegen alle drie wordt de doodstraf geëist. Na onderzoek naar hun psychische gesteldheid worden zij echter ontoerekeningsvatbaar verklaard en wordt de doodstraf door de rechter omgezet in levenslange gevangenisstraf.

Inmiddels heeft Maria Leven, die Tegelen al in 1942 had verlaten, de scheiding aangevraagd. Deze zou op 4 maart 1945 zijn uitgesproken, maar in de archieven van Krefeld is geen scheidingsakte aangetroffen.[2]

Weber wordt opgesloten in de gevangenis van Scheveningen, in de oorlog bekend als het Oranjehotel. In december 1949 gaan de drie gevangenen in hoger beroep, maar de oorspronkelijke straffen blijven gehandhaafd.

 december 1949, Trouw

In maart 1950 wordt Reinier Weber overgeplaatst naar de gevangenis Blokhuispoort in Leeuwarden, waar hij tot april 1951 verblijft. Op 26 april 1951 volgt overplaatsing naar de koepelgevangenis in Breda. Op 4 maart 1960 wordt hij voor de laatste keer overgeplaatst, ditmaal naar Hoorn.

 De woning aan de Baliëndijk

Op 13 mei 1961 wordt hij in Breda ingeschreven aan de Baliëndijk, waar hij een eenvoudige woning krijgt toegewezen.

Op 30 september 1970 krijgt Reinier Weber zijn Nederlanderschap weer terug. Vanwege in dienst nemen bij een buitenlandse krijgsmacht was deze hem afgenomen.

Negentien jaar later, op 8 december 1980, trouwt hij voor de tweede keer, nu met de Bredase Geertruida de Wit.

Op 15 november 1991 overlijdt Reinier Weber.

Met heel dank aan Stijn Reurs, onderzoeksjournalist voor het ter beschikking stellen van zijn aantekeningen.

Franciscus Hubertus Weber ( 06.08.1918 – 1944)

Ook de broer van Reinier Weber zet zich in in het Duitse leger.  Echter voor hem met een noodlottig gevolg. Franz is, net als zijn broer Reinier, lid geworden van de NSB. Ook hij meldt zich aan bij de Westland compagnie en wordt naar Oekraïne gezonden om daar te vechten. Al in 1941 is hij betrokken bij gevechten in het oosten en krijgt hiervoor de medaille Winterslacht im Osten 1941/1942. Ook krijgt hij onder andere het “verwundetenabzeichen” uitgereikt. 


Echter, in augustus 1944 plaatst de familie uit Tegelen een advertentie met daarin de vermelding dat Franz aan het oostfront is gesneuveld en ook daar is begraven. 

Bron Delpher


[1] Hūls was tot 1975 een zelfstandige gemeente enkele kilometers boven Krefeld gelegen.  Op de bijlage van de trouwakte wordt vermeld dat beiden Deutschblūtig zijn, een term uit de Blut- und Bodentherorie van het Nationaalsocialisme.

[2] Niet verwonderlijk als men weet dat Krefeld een dag eerder, op 3 maart 1945, door de Amerikanen is bevrijd. 

3] Tijdens deze bijeenkomst demonstreren honderden Tegelenaren tegen deze vergadering.