zondag 21 juni 2020

De Sloopkogel – Peperstraat (2)


- door Gerrit van der Vorst -


De Peperstraat stond er eind 19e eeuw al niet best meer voor. Er liep zelfs een open rioolgoot door de straat vanuit de binnenstad. Nou produceerden de inwoners van Venlo in die tijd gezamenlijk hooguit een halve kubieke meter aan vaste fecaliën – hoe dat nou zit, weet ik niet – maar die bescheiden productie liet onverlet dat het vaak onbedaarlijk stonk in de straat, vooral op marktdagen. Ook omdat de spoeling tekortschoot.


Uit de verhandelingen van de Venlose gemeenteraad in 1891 (Venloosch weekblad van 17 januari 1891, www.delpher.nl).

Toch waren er gerenommeerde zaken gevestigd in de Peperstraat, zoals de Bijenkorf Industria op nummer 12, hotel De Pelikaan op 14, manufactuurwinkel De Zon op 15 en 17 en herberg De Lelie op 35. Het gemeentelijk administratiekantoor op de hoek Peperstraat-Markt herbergde de Rijks-HBS.
Het pand Peperstraat 12 zou zelfs historische betekenis krijgen. Eerst kwam op dat adres nog de gerenommeerde drankenhandel van C. Gudden.


Advertentie van C. Gudden in het Venloosch weekblad van 25 juli 1896 (www.delpher.nl).

Maar toen Gudden rond 1911 zijn nering verplaatste naar de Vleesstraat, vestigde behanger Jean Hendrikx zich in het grote pand. En zo werd zes jaar later, op 2 februari 1917, Peperstraat 12 het geboortehuis van Jan Hendrikx. Die naam moet de lezer even onthouden.


Peperstraat 12, met in de deuropening Jean Hendrikx die op oudejaarsavond 1920 overleed (38 jaar oud), een vrouw en zes jonge kinderen achterlatend.

Wie de verslagen van de gemeenteraad had gevolgd, wist dat de straat in begin jaren twintig al afgeschreven was. Enkele huizen waren onbewoonbaar verklaard en in 1923 was zelfs het gevaar van vallend puin aangekaart. In 1925 was gesproken over een onhoudbare toestand vanwege krotwoningen die vochtig waren omdat ze beneden de weg lagen, en het moesten doen zonder lucht, licht, water en privaat. Dat gold waarschijnlijk vooral de aan de Peperstraat gelegen sloppen, zoals de Guddenplaats, Sandersplaats, Winterplaats en de Zanoliplaats.

De Guddenplaats.


Sandersplaats-Rieterplaats.

De straat werd in alle opzichten verwaarloosd. De gemeente had voor maar liefst 8.500 gulden een sproeiauto gekocht, voor stofbestrijding en verfrissing van de Venlose straten. Op veel straten reed de wagen bij wijze van spreken tot vervelens toe, maar op de Peperstraat kwam ie nooit, terwijl het benodigde water – de Maas! – daar toch vlak langs stroomde. Toen dat in de vergadering van de gemeenteraad aan de orde werd gesteld, beweerde wethouder Trienekens met droge ogen dat sproeien met Maaswater 25 cent per kubieke meter duurder was dan met water uit de waterleiding. Bovendien was de begrotingspost ‘sproeien’ volgens hem al overschreden. De Peperstraat kon het dus schudden, veelzeggend voor de status van de straat.


De ultieme stofbestrijding en verfrissing op de Peperstraat: hoogwater. Rechts het Maasschriksel.

Bovendien werd er geen dam opgeworpen tegen het sluipverkeer dat alleen maar toenam. Omstreeks 1930 wurmden zich dagelijks zo’n 50 auto’s door de Peperstraat.


Voor verkeer was de toenmalige Peperstraat ten ene male ongeschikt.

Toch was de Peperstraat beslist geen achterbuurt. Ter illustratie daarvan getuigt het feit dat in 1933 de oudste zoon van wijlen Jean Hendrikx tot priester gewijd werd. Toen Harie Hendrikx op eerste Paasdag 1933 zijn eerste heilige mis opdroeg in Venlo, in de Sint Martinuskerk, droeg de buurtvereniging Peperstraat bij aan de feestvreugde. Het was een indrukwekkend gebeuren.


De ingang van de Peperstraat is versierd ter ere van de priesterwijding van Harie Hendrikx. Hij zou later hoogleraar aan de Nijmeegse universiteit worden.


De stoet verlaat de kerk. Achteraan Harie Hendrikx met links naast zich moeder Mia Hendrikx-Vallen.


De stoet op weg naar de Peperstraat.


De Peperstraat op Eerste Paasdag 1933.

Ongeveer tien jaar later zou een andere zoon van de Peperstraat een belangrijke rol spelen tijdens de bezetting. Jongste zoon Jan van wijlen Jean Hendrikx ontpopte zich onder de verzetsnaam ‘Ambrosius’ tot een onvergetelijke verzetsleider, die een voor die tijd ondenkbare brug wist te slaan tussen het katholieke verzet in het Zuiden en het grotendeels protestantse verzet in het Noorden.


Jan ‘Ambrosius’ Hendrikx, een van de grootste Venlonaren aller tijden.


Het grote standbeeld voor het gerechtsgebouw in Roermond. Links op de voorgrond Leo Moonen van het Bisdom Roermond, die zijn arm om de schouders van Jan Hendrikx heeft geslagen. Beide mannen verloren hun leven door hun verzetsactiviteiten.

Dat historische feit alleen al had reden kunnen zijn om Peperstraat 12 in te richten als het Venlose verzetsmuseum.

Wordt vervolgd.

Met dank aan Piet Braem en Will Sorée voor de oude foto’s. Deels zijn die foto’s eerder geplaatst op de Facebook-site ‘Venlo wie ut vrueëger waas’.

Reageren? Stuur een e-mail naar Gerrit van der Vorst: gp.vandervorst@xs4all.nl.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten