vrijdag 26 juni 2020

Venlonaar Willy Cammans werd onthoofd door nazi's

- door Sef Derkx -

Gevangenis Plötzensee (met dank aan Andreas Herbst van de Gedenkstätte Deutscher Widerstand, Berlijn)

Het is de vroeg in de ochtend van dinsdag 26 april 1938 als de 44-jarige Venlose schoenmaker Willy Cammans uit zijn cel in de gevangenis Plötzensee bij Berlijn wordt gehaald. Adolf Hitler heeft het gratieverzoek van de familie van de ter dood veroordeelde naast zich neergelegd. Ook heeft de Rijkskanselier het verzoek van de Nederlandse regering niet ingewilligd om de doodstraf om te zetten in een vrijheidsstraf. De vogels zullen gezongen hebben die lentedag maar of Willy Cammans het gehoord heeft in zijn gang over de executieplaats naar de guillotine? 
Willy Cammans en Emma Franck (foto familie Toff-Cammans)
Willy Cammans met dochter Rosalie (Roosje), 1928 (foto familie Toff-Cammans)

Zijn laatste gedachten zullen bij zijn vrouw Emma geweest zijn en bij hun dochtertje Rosalie. Wie heeft hem bijgestaan in de ultieme minuten van zijn leven en wat waren zijn laatste woorden? We weten het niet. Er zijn nog veel raadselen in de zaak tegen Cammans. Zijn executie was het sluitstuk van een geruchtmakende rechtsgang waarin de Venlose schoenmaker was beschuldigd van spionage voor de Fransen. Wie was Willy Cammans? Zijn dochter Rosalie noemde hem, in een interview dat ik in 2010 met haar had, ‘een goed mens, betrokken bij anderen’. Iemand die met hard werken tot welstand was gekomen en die daardoor in de gelegenheid was om in Duitsland wonende familieleden en kennissen van zijn joodse vrouw te helpen. Die hulp zou hij met de dood hebben moeten bekopen.

Willy Cammans wordt op 12 februari 1894 geboren in Hüls bij Krefeld. Zijn moeder komt ervandaan, zijn vader is een Nederlander, een schoenmaker uit Bergen in Noord-Limburg. In 1907 vertrekt het gezin naar Venlo.  Willy wordt opgeleid tot schoenmaker. In 1911 vestigt de familie zich weer in Duitsland, in Friemersheim, tegenwoordig een stadsdeel van Duisburg. Als in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbreekt, wordt Willy Cammans meegesleept in de collectieve roes die het wapengekletter veroorzaakt. Hij vraagt het staatsburgerschap van het koninkrijk Pruisen aan en meldt zich als vrijwilliger voor het front. Cammans wordt ingedeeld bij de infanterie, raakt gewond en verlaat in 1915 de militaire dienst.

Prentbriefkaart uit de jaren '30, bij pijl uithangbord 'Electrische Snel Schoenmakerij' (met dank aan Piet Braem)

In 1922 komt Willy weer in Venlo wonen. Hij krijgt er kennis aan Emma Franck. Ze trouwen en starten een schoenmakerij en winkel in leer en fournituren aan de Nieuwstraat. Daar wordt op 23 maart 1926 dochtertje Rosalie geboren. Het gaat het gezin zakelijk voor de wind. De schoenmakerij verhuist naar de Vleesstraat, naar het huidige Huis Ottenheym. Cammans heeft zes knechten in dienst.

Prentbriefkaart, uit de jaren '30 (met dank aan Piet Braem) 

Het is mei 1935 als Cammans in café-restaurant Central iemand ontmoet die zich voorstelt als Jansen. In werkelijkheid is het Joannes van Leeuwen uit ’s-Hertogenbosch, een agent van de Franse inlichtingendienst. ‘Jansen’ is geïnteresseerd in de reisjes van Cammans naar Duitsland. Als bij een volgende ontmoeting de vraag gesteld wordt of Cammans inlichtingen wil vergaren over legerplaatsen in Duitsland, weigert hij aanvankelijk. Later gaat de Venlose schoenmaker toch overstag. Als we tenminste enig geloof kunnen hechten aan de processtukken. In de tenlastelegging wordt gezegd dat  Cammans regelmatig met zijn zwager Peter Schmitz door het Rijnland heeft gereisd om in kroegen bij kazernes militairen uit te horen. De twee hebben geprobeerd hun netwerk uit te breiden en daarvoor de verzekeringsman Hans Wüsten uit Münster gepolst. Die had interesse geveinsd maar meteen de Gestapo ingelicht. De Duitse contraspionagedienst stelt een val op die op 28 januari 1937 dichtklapt in Lobberich. 

Nieuwsblad van het Noorden, 18 januari 1938 (gevonden via www.delpher.nl)

Tijdens de verhoren bekennen Cammans en Schmitz schuld. Omdat het om verraad van staatsgeheimen handelt, dient de zaak voor het Volksgerichtshof in Berlijn. De rechtbank acht bewezen dat beiden gespioneerd hebben voor een vreemde mogendheid: voor de aartsvijand Frankrijk nog wel. Willy Cammans hoort op 5 november 1937 de doodstraf uitspreken, Peter Schmitz krijgt levenslang. De poging van de Nederlandse regering de rechtbank te overtuigen dat Cammans de Nederlandse nationaliteit heeft, haalt niets uit. Voor de Duitse overheid is hij een Duits staatsburger sinds zijn naturalisatie in 1914. Op 26 april 1938 wordt de Venlose schoenmaker onthoofd. De gevangenisdirectie geeft zijn trouwring vrij. De rest van zijn bezittingen worden verbeurd verklaard. 



Utrechts Volksblad, 27 april 1938 (gevonden via www.delpher.nl) 

(met dank aan Andreas Herbst van de Gedenkstätte Deutscher Widerstand in Berlijn)

Reageren? Stuur Sef Derkx een e-mail: floddergats@xs4all.nl
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten